Hierbij onze Assortimentslijst: Citrus, LET OP niet alle variŽteiten zijn altijd voorradig, gelieve ons te contacteren i.v.m. beschikbaarheid.

Citrus collectie


De citrus

Het geslacht Citrus behoort tot de famillie van de Rutaceae (wijnruit).
Terwijl de Citrus commercieel gezien verreweg het belangrijkste lid is, zijn er toch vijf nauw verwante geslachten: Fortunella (kumquat), Poncirius, Clymenia en twee minder gekende geslachten uit OceaniŽ : Eremocitrus en Microcitrus.

Elk geslacht wordt onderverdeeld in verschillende soorten (bv. Citrus sinensis, appelsien) en die worden dan nog eens onderverdeeld in variŽteiten (bv. Citrus sinensis 'Navelate').
Het aantal soorten en variŽteiten binnen het citrus geslacht is zeer complex en wordt door verschillende botanici anders ingedeeld.
Volgens de Amerikaan Swingle(1943) zijn er 16 Citrus soorten.
Volgens de Japanner Tanaka(1957) 162 en volgens de meest recente analyses zouden er maar vijf originele soorten zijn: Citrus medica, Citrus maxima, Citrus reticulata en nog twee andere uitgestorven soorten.
Doordat citrussen al duizenden jaren gecultiveerd worden en gemakkelijk te kruisen, zijn er van elke soort heel veel variŽteiten op de markt (meer dan 1000 appelsienen en meer dan 500 mandarijn variŽteiten).

Geschiedenis

Onder Citrusvruchten verstaan we nu: sinaasappels, citroenen, mandarijnen, pompelmoezen, grapefruits, pomeransen en limoenen. Deze vruchten worden ook wel eens Hesperiden genoemd. Ze bevatten hesperidine, gebruikt in de geneeskunde. Dit is een glucoside dat voorkomt in de schil van onrijpe citrusvruchten.
Vierduizend jaar geleden werden citrusrassen ontwikkeld in Zuid-China, India en IndonesiŽ. Het eigenlijke vaderland van de citrusvruchten ligt waarschijnlijk in het verre oosten, nl.: China en Japan, hoewel de bittersmakende sinaasappelsoort waarschijnlijk uit India stamt en samen met de sukade ook bij de Grieken en Romeinen al vertrouwd was.
Ook de citroen zou in het noorden van India thuis kunnen horen, waar hij in ieder geval al in het begin van de 8e eeuw v. Chr. bekend was.
Volgens de overlevering kwamen de eerste citrusvruchten met de karavanen van Alexander de Grote (356-323 v.Chr.) naar het oostelijk deel van het Middellandse-Zeegebied. De Arabieren teelden de bittere sinaasappel als sierplant. Met de uitbreiding van de Islam bereikte de vrucht ook Spanje, waar hij bekend werd onder de naam Sevilla-sinaasappel.
In ItaliŽ zijn de citrusplanten vanaf de eerste eeuw na Chr. in cultuur.
De recente geschiedenis van de sinaasappel in Europa begint aan het eind van de 18de eeuw, toen een geestelijke in Carcagente bij Valencia de eerste commerciŽle sinaasappelgaard aanlegde. Binnen enkele jaren werd 3000 ha braakliggende grond geÔrrigeerd en met sinaasappelbomen beplant.
Aan het begin van de 19e eeuw was de oppervlakte al vertienvoudigd en tegenwoordig strekken de citrusplantages zich uit langs de Middellandse-Zeekust van CataloniŽ tot AndalusiŽ. Rond 1500 namen Spaanse en Portugese handelaren citruszaden mee naar Noord-Amerika.
De belangrijkste landen van de hedendaagse citrus productie zijn BraziliŽ, ArgentiniŽ, de mediterrane landen, Verenigde staten (California, Arizona and Texas) en China.


Citrussen in ons klimaat


Bloei en vruchtvorming

de Citrus bloeit met trosjes in het vroege voorjaar. De roomwitte bloemen geuren heerlijk zoetig. In de herfst tot het volgende voorjaar rijpen de vruchten. De meeste vruchten van de citrus zijn eetbaar, maar in ons klimaat zijn ze meestal ontzettend zuur.

Potgrond

Jonge planten worden jaarlijks in het voorjaar verpot, oudere planten om de drie jaar en heel oude planten om de vijf tot tien jaar.

Bemesting

U kan uw citrusplanten op twee manieren bemesten, door het begieten van het plantsubstraat met een verdunde vloeibare meststof of het mengen van een vaste meststof in het plantsubstraat. Er is speciale citrusmest op de markt. Eind augustus moet u stoppen met bijmesten omdat de citrus anders te sterk groeiend de winter in gaat en dit is in ons klimaat niet wenselijk.

Water geven

Gebruik liefst regenwater en anders leidingwater met een niet te hoge PH. Rond maart, wanneer de Citrus nog steeds binnen staat, maar de temperatuur al wat hoger wordt, moet u voorzichtig wat meer water geven.
Als de citrus naar buiten gaat, neemt de behoefte aan water vooral bij zonnig weer sterk toe. De potkluit moet vanaf nu redelijk vochtig gehouden worden. In de zomerperiode vraagt een citrus bijna dagelijks water. Zorg er wel voor dat overtollig water uit de pot weg kan, want een Citrus is gevoelig voor wortelrot. Er bestaat dan een grote kans dat de bladeren geel worden.
Op zeer warme zomerdagen, bij zo'n 30 graden Celsius of meer, vinden citrusplanten het fijn om af en toe tegen de avond besproeid te worden.
In het najaar is de waterbehoefte, zeker vanaf oktober, sterk afhankelijk van de weersomstandigheden. Bij warm, zonnig weer nog wel een paar keer per week water geven, maar bij koud regenachtig weer erg voorzichtig zijn met water geven. Maak het afwateringsgat aan de onderzijde van de pot vrij van wortels door er met een pen of stokje ongeveer 15 cm diep in te prikken. In de winter erg matig water geven maar de plant beslist niet laten verdrogen.

Overwinteren

Voor de eerste nachtvorst haalt u uw citrussen best binnen. Zet de citrus op een koele, lichte plaats. Een temperatuur tussen de 5 en 12 graden is het beste. Na de ijsheiligen (half mei) kan de plant terug naar buiten.

Standplaats

Vanaf mei mogen de planten buiten, eerst een weekje uit de hete middagzon, want direct zonlicht kan die week het blad ernstig verbranden. Hierna op een zonnige plek plaatsen, een vochtige broeikas is minder geschikt!

Potkeuze

De planten worden in kuip gekweekt om ze in de winter binnen te zetten. Alle citrusplanten hebben in de natuur een groot wortelstelsel, daarom blijven in kuip gekweekte planten vaak te klein. Zorg dus liefst voor een goede maat kuip! Bakken en kuipen kan je in allerlei materialen en vormen krijgen. Wat zeker belangrijk is, is dat het water weg kan uit de pot. Bij het inpotten kunnen onderaan potscherven gebruikt worden om de opening niet te laten dichtgroeien.

Snoeien

Snoeien is noodzakelijk om de vorm van de boom te bepalen (bolvorm, opgebonden of in struikvorm). Opgepast met opgebonden struiken in de handel. Het zijn dikwijls imitaties van het jarenlange werk van een goed opgebonden plant. Het eerste jaar moeten jonge scheuten ingesnoeid worden vanaf de lente, zo wordt de plant sterker en krijg je een evenwichtige vegetatie. Dan moet men 2 ŗ 3 takken uitzoeken die de basis van de plant vormen. De volgende lente worden deze hoofdtakken teruggesnoeid tot 20 ŗ 30 cm om ze opnieuw te laten vertakken tot een 3-tal nieuwe takken die opnieuw worden terruggesnoeid tot 20 ŗ 30 cm enz...
Als de gewenste grootte is bereikt, is een jaarlijkse snoei aan het einde van de winter bij de meeste citrussen voldoende. Citroenen mogen sterker terruggesnoeid worden dan andere citrussen. U moet er echter wel rekening mee houden dat een tak die is teruggesnoeid de zomer erna wat minder bloeit.

Enkele snoeiregels:
- snij altijd vlak boven een oog (staat in de oksel van elk blad)
- gebruik een scherp snoeimes
- pas op voor de doornen van de plant
- om terug vorm in een plant te brengen moet men op de kronen snoeien